Als zoon van een tandarts in Lelystad rees de vraag bij me op of het beroep van tandarts stopt zodra je niet meer BIG-geregistreerd bent. Dit kwam naar voren toen we de rouwadvertentie voor mijn vader aan het opstellen waren. Moest daar naast echtgenoot, vader en opa ook nog de titel van tandarts prijken, ondanks dat hij al 27 jaar met pensioen was? We waren niet zomaar iemand verloren, hij was immers tandarts.

De discussie of je tandarts bent in hart en nieren of dat je enkel werkzaam bent als tandarts is interessant. Het gaat erom of je naast het behandelen van patiënten ook nog gepassioneerd met het vak bezig bent. De tandartsen die hun werk met liefde uitvoeren, of ze nu wel of niet lid zijn van een vereniging, en de tandartsen die enkel hun werk doen. Passie is een keuze, geen verplichting.

In de tijd van mijn vader was passie voor het vak niet optioneel, aangezien bijna iedereen een eigen praktijk had en alle administratieve rompslomp die daarbij hoorde. Hij runde zijn eigen praktijk aan huis (met aanvankelijk maar liefst 12000 patiënten) en draaide maandelijks een zeer drukke weekenddienst. Het hele dorp kende hem en wist waar hij woonde; hij was niet zomaar een tandarts, hij was dé tandarts. Gedreven tegen wil en dank.

De balans tussen werk en privé was ver te zoeken, om nog maar niet te spreken over het gebrek aan privacy. Buiten werktijd zocht hij zijn toevlucht in Muggenbeet, waar hij in zijn vroege carrière al een tweede huis had gekocht, net zoals vele tandartsen uit die tijd ergens anders een onderkomen hadden. Privacy als dorpsarts was misschien niet vanzelfsprekend, maar gelukkig wel te koop.

Na een carrière van 30 jaar was het genoeg voor mijn vader. Het was tijd om te stoppen met werken, maar ook met het zijn van een tandarts. Hij verhuisde naar Muggenbeet om daar een nieuw leven te beginnen. Een leven in de natuur, zonder patiënten en volle agenda's. De tijd van genieten was aangebroken en daar hoorde geen tandheelkunde meer bij.

Uiteindelijk stond er geen 'tandarts' in de rouwadvertentie, aangezien hij al lange tijd geen actief tandarts meer was. Toen de condoleancekaarten een week later binnenstroomden, kwamen er verrassend veel van voormalige patiënten, ondanks zijn pensioen van 27 jaar. Hoewel mijn vader het vak al lang vaarwel had gezegd, bleef hij voor zijn patiënten nog steeds hun tandarts, tot in de dood.

Jerry Baas

Vond je dit artikel nuttig? Deel het.